-
07 11 2010
Stroomt kennis watertechnologie straks naar Rusland?

GRONINGEN - Noord-Nederland heeft de afgelopen jaren flink geïnvesteerd in de relaties met Noordwest-Rusland.
Deze investering heeft in 2009 vruchten afgeworpen in de vorm van een bestuurlijke samenwerkingsovereenkomst met de Leningrad Oblast (de provincie rondom Sint Petersburg). Eén van de activiteiten waarmee concreet invulling wordt gegeven aan deze overeenkomst, is de fact finding missie die Nordconnect eind oktober voor de Noord-Nederlandse watersector organiseerde. De delegatie, met onder meer het Waterbedrijf Groningen, de Water Alliance en de NOM, was vooral geïnteresseerd in het verkennen van samenwerkingsmogelijkheden die uiteindelijk kunnen leiden tot businesskansen. Het thema water is in opkomst in Rusland. De staat stelt jaarlijks geld beschikbaar voor het federale programma Clean Water en ook de privatisering van de watersector biedt kansen, al komt die heel langzaam op gang. De groeiende vraag naar buitenlandse apparatuur en watertechnologie is mede ingegeven door verouderde infrastructuur en sterk achterblijvende zuiveringskwaliteit, vooral buiten de grote steden. De Noord-Nederlandse delegatie constateerde dat zij van betekenis kan zijn met haar vooraanstaande kennis van (afval)waterzuivering en drinkwater. Insteek van de watermissie was daarom het verkennen van concrete businesskansen.
Groot houden
‘Wij zien voldoende mogelijkheden’, stelt Alex Berhitu, projectmanager Water bij de NOM. ‘Vooral in het achterland van St. Petersburg is de staat van zowel zuiveringen als leidingwerk ronduit slecht te noemen. Toch is het niet eenvoudig om een voet aan de grond te krijgen. De Russen zoeken enerzijds duidelijk aansluiting wegens de behoefte aan moderne technologie, terwijl ze anderzijds zichzelf groot willen houden en doen alsof er amper knelpunten zijn. Dat praat lastig. Deze missie draaide daarom vooral om aftasten en voorzichtig helder maken wat wij te bieden hebben, zonder onze contacten daar in verlegenheid te brengen.’ Cultuurverschillen vragen geduld, al speelt ook geld een belangrijke rol. De middelen van het federale waterprogramma stromen tot nu toe nauwelijks door naar de Leningrad Oblast. ‘Daarom wordt vanuit de hoge bestuurlijke laag ook ingezet op het bereikbaar maken van programmagelden als Clean Water’, vertelt Berhitu. ‘De Russische tariefstelling voor drinkwater is namelijk lang niet kostendekkend. Een mogelijke kans voor Noord-Nederland is het adviseren over decentrale drinkwaterzuivering. Want het achterland in de regio St. Petersburg is groot en kent veel geïsoleerde gebieden. Met lokale zuiveringen los je meteen het distributieprobleem op dat wordt veroorzaakt door het slechte leidingnetwerk.’Industriële ingang
De watermissie concentreerde zich vooral op de huishoudelijke stromen van zowel drinkwater als afvalwater. ‘Achteraf constateren we dat de winst voor Noord-Nederland waarschijnlijk vooral in industriële waterstromen zit, dus het proces- en afvalwater van bedrijven. Daar zijn goede verdienmodellen mogelijk. De Russische waterbedrijven hebben een flinke vinger in de pap, dus we hebben wel de juiste ingangen gevonden. Bij het opwerken van water tot industriële kwaliteit kan de watertechnologische kennis van Noord-Nederland zeker van betekenis zijn, dus die route gaan we verder verkennen.’ De delegatie wil in de evaluatie concrete stappen bepalen, die ook direct gezet kunnen worden zodra blijkt dat er geld beschikbaar is voor projecten. ‘Het voordeel van beperkte middelen is dat het aanzet tot heel bewuste keuzes’, vindt Berhitu. ‘Dat geldt voor de Russen zelf, maar ook voor ons. Daarom komt er geen generiek advies aan het MKB om watertechnologie naar de Leningrad Oblast te brengen; daarvoor moet het pad eerst verder worden vereffend.’ Nordconnect, dat de watermissie faciliteerde, blijft noordelijke partijen een platform bieden voor uitwisseling en onderhoudt bovendien contacten met Russische overheden. Het in 2009 geopende Nordconnect House in Sint Petersburg dient als uitvalsbasis voor concrete zakelijke initiatieven.Zeehonden aaibare factor watermissie
Een bijzondere rol binnen de watermissie was gereserveerd voor Zeehondencrèche Lenie 't Hart uit Pieterburen. Al enkele jaren traint het centrum verzorgers van de dierentuin in St. Petersburg in het opvangen van verzwakte zeehonden uit het Ladogameer en de Baltische zee. Twee vertegenwoordigers van Pieterburen versterkten de missie om op bestuurdersniveau contacten te leggen en in te zetten op maatregelen die bijdragen aan de bescherming van zeehonden. Het verzorgen van verzwakte zeehonden is één ding, maar de zeehondencrèche pakt het probleem liever bij de kern aan. ‘De Baltische zee en het Ladogameer zijn behoorlijk vervuild’, vertelt Nynke Osinga, marine conservation bioloog bij Pieterburen. ‘Bovendien verdrinken jaarlijks honderden zeehonden omdat ze verstrikt raken in vistuig. Om de ecologie te verbeteren, zijn maatregelen nodig. Denk aan afspraken met de visserij, maar ook aan educatie en voorlichting om het milieubewustzijn te versterken.’Goede spin-off
In de Baltische zee leven zowel grijze zeehonden als ringelrobben. In het Ladogameer – het grootste meer van Europa – leeft een beschermde soort: de Ladoga ringelrob, waarvan naar schatting nog slechts 3500 dieren over zijn. Osinga: ‘We hebben onze zorg gedeeld met de lokale overheden in de Leningrad Oblast. De houding is positief en we hebben zelfs een overeenkomst ondertekend. Wij gaan door met het overbrengen van kennis en adviezen. Het professionele opvangcentrum dat nabij St. Petersburg wordt gebouwd, is een stap in de goede richting. Bovendien kan dat tot goede spin-off leiden in de educatie van kinderen, de beleidsmakers van de toekomst.’

